Voor mijn lieve vriendinnetje A, die terecht opmerkte dat ik vaker in mijn blog moet schrijven.

Juni 2006. Wandelend in de avondzon met een rood aangelopen baby in de Bugaboo, vroegen we ons af of er ook een ponykamp voor baby’s bestond. Pasgeboren James bleek een huilbaby. En wij – tobbende, kersverse ouders – dachten dat ons zorgeloze leven voorgoed voorbij was. Gelukkig stopte na drie maanden het overmatige huilen. En kwam daar dan eindelijk het Grote Genieten.
Over een paar dagen wordt hij alweer drie jaar. “Niet doen, mama.” Steeds vaker duwt hij me weg als ik hem stevig wil knuffelen. Enkele weken geleden stond er voor het eerst een vriendje voor de deur om te vragen of hij kwam buitenspelen. Met gemengde gevoelens zie ik hoe hij zich langzaam van me losweekt.
Vanavond vroeg hij of ik nog even naast zijn bed wilde blijven zitten. Na het welterusten-kusje keek hij nog één keer op. Zat ik er nog wel? Kort daarna was hij in dromenland. Twee knuffels stevig in zijn vuistjes geklemd, zijn beentjes opgetrokken.
Grote, kleine vent, laat me alsjeblieft nog heel lang voelen dat je me nodig hebt.